31 augustus 2014

Wat gebeurde er 70 jaar geleden? 1-7 september 1944

In de laatste maanden van 1944 leefde Nederland tussen hoop en vrees. De berichten dat de oorlog snel ten einde zou zijn volgende elkaar in rap tempo op. Ik probeer de sfeer van die tijd een beetje terug te halen, in de vorm van een dagboekverslag. Om de draad er een beetje in te houden, zal ik dit ene bericht steeds uitbreiden, zodat de chronologie intact blijft.

1 september 1944
De illegale bladen stonder er bol van: de oorlog is zijn zesde jaar ingegaan. Een referentie naar de inval in Polen op 1 september 1939, die het begin van de Tweede Wereldoorlog betekende.


Het blaadje "Weet U dat" werd door de ondergrondse in de omgeving van Helmond uitgegeven. De bewaarde exemplaren zijn gescand door de Koninklijke Bibliotheek en in te zien via website www.delpher.nl.

2 september 1944

De nog bestaande pers, de vast zat onder het Duitse juk, trachtte de lezer een verdraaide werkelijkheid voor te houden. Het ging er om, de lezer ervan te doordringen dat het Duitse leger op termijn zou zorgen voor een 'bevrijd Europa'.


Ook in het advertentiegedeelte van de Gooi- en Eemlander leek het alsof het leven zijn gewone gang bleef gaan


3 september 1944
Op deze zondag vertrok een goederentrein van Westerbork naar Auschwitz. Het zou het laatste transport naar dat vernietigingskamp zijn. In de wagons ruim 1000 mensen, onder wie de zusjes Margot en Anne. Slechts weinigen wisten wie zij waren, het zou tot na de oorlog duren voordat Anne wereldberoemd werd met haar dagboek.


10 april 2014

Even stevig aan de slag in het Streekarchief

Van tijd tot tijd krijg je informatie binnen waar je eigenlijk al heel lang op hebt zitten wachten, zonder er steeds bewust mee bezig te zijn, dat wel. Gisteren gebeurde dat, toen ik de nieuwsbrief van het Streekarchief Gooi- en Vechtstreek binnen kreeg. Daar stond onder meer het volgende in:


Ik was al eens op die begraafplaats geweest, omdat mijn oudtante (de zuster van mijn opa) daar begraven is in 1955. Dat wist ik dan weer uit een advertentie in de krant:


Over zo'n begraafplaats wandelen zonder een duidelijk doel heeft niet zo heel veel zin. Want: is het graf er nog? Is de steen nog wel leesbaar, of is het helemaal overwoekerd? Hoe weet je of je alle graven wel hebt bekeken? Dat lukte dus niet echt. Het was wel een rustgevende wandeling, maar ik vond verder geen informatie.
Maar nu was het archief er dan. Vandaag meteen naar het Streekarchief gegaan, om de grafboeken eens door te spitten. Even nog dacht ik, dat er wellicht een index op was gemaakt, maar nee. Het werd dus handmatig doorbladeren en scannen. En dat door 13 boeken heen. Het eerste boek kostte even tijd, om het systeem te doorgronden, maar toen dat eenmaal gebeurd was ging het verder als een speer. Een haast vaste wetmatigheid is, dat deze manier van zoeken heel lang kan duren. En inderdaad, halverwege boek nummer 12 had ik beet.
Dit is de begraafinschrijving, bovenaan de linkerpagina, daarna de rechterpagina.



En nu weet ik ook wanneer haar man is overleden. Dat deel van de burgerlijke stand is nog niet openbaar (pas in 2017), maar ik heb nu wel een duidelijk handvat om te zoeken in bronnen zoals lokale kranten, bevolkingsregisters en de verzameling persoonskaarten van het CBG.

Vandaag was dus een welbesteed dagje.

02 februari 2014

In verwarring door één klein woordje

Ik heb me een hele tijd een beetje de verkeerde kant op laten sturen door een verkeerd overgeschreven woordje. Een transcriptiefoutje, heet dat. Een van mijn voorouders is Jan Spanjaert en ik vond hem, 8 jaar geleden alweer, in Delft. De Digitale Stamboom Delft meldde namelijk het volgende:


Er staat attestatie van Overschie, dus dat moet betekenen dat de twee in Overschie in ondertrouw zijn gegaan, om vervolgens in Delft te trouwen. Klinkt logisch, maar de ondertrouw vinden? Nee, voor november 1632 is er geen spoor van Jan en zijn vrouw te vinden in de DTB's van Overschie. Maar toen kwamen de scans van de registers online, gauw even kijken en toen zag ik:


Er stond dus geen 'van' maar 'op'. Kennelijk heeft degene die de transcriptie ooit maakte het woordje gelezen als "af" en dat vertaald door "van". Wat er wel staat, "op", betekent dus "naar". Met andere woorden: ze zijn in Delft in ondertrouw gegaan om vervolgens in Overschie te trouwen. Dat wil dus zeggen dat er niet vóór, maar na november 1632 moet worden gespeurd in de trouwregisters van Overschie. En dan gaat het allemaal heel snel, getuige de volgende inschrijving van 12 januari 1633:


Waaruit maar weer eens blijkt hoe belangrijk het is om de originele inschrijving van een gebeurtenis te bekijken.

25 januari 2014

Het verhaal achter een 100 jaar oude penning


De bovenstaande penning was van mijn grootvader, Pier Hettema. Aanvankelijk was er niet veel bekend over de penning, in de familie wist men alleen dat het 'iets met honden te maken had'. Zoveel was wel duidelijk, gezien de voorstelling op de penning: een veldwachter of politieman met een hond, die aan de hand van een achtergebleven schoen op zoek gaan naar iemand. Je kunt je daar van alles bij voorstellen natuurlijk, het was iemand die slachtoffer was geworden van een misdrijf, iemand die spoorloos was verdwenen of iemand die betrapt was tijdens een inbraak en een van zijn schoenen had achtergelaten. Opa was bij de politie in Amsterdam, van 1908 tot 1915, dus het moest wel gaan om een gebeurtenis in Amsterdam.

Het Stadsarchief
Een verder aanknopingspunt is de datum die in de penning is gegraveerd: 18-10-1914. Misschien dat in een krant van die datum wat meer te vinden zou zijn? De aangewezen plek voor zo'n speurtocht was - een jaar of 10 geleden - het Stadsarchief van Amsterdam, toen nog knus gevestigd aan de Amsteldijk. Ze hadden daar Amsterdamse kranten op microfiche en ik ben een halve zaterdag bezig geweest om de verfilmde krantenpagina's te bekijken. Dat lukte en zo kwam ik er achter dat op 18 oktober 1914 een demonstratie was gehouden van politiehonden. Plaats van handeling: het IJsclubterrein in de hoofdstad, nu beter bekend als het Museumplein. Voor de demonstratie werd entree gevraagd en het batig saldo was bestemd voor het Steuncomité. Ik heb toen een afdruk gemaakt van het microfiche, maar het resultaat was niet echt leesbaar.

Koninklijke Bibliotheek
Oude kranten worden niet alleen bewaard door de archieven, maar ook door de Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag. Daar staan de kranten niet op fiche, maar op rolfilms en in een aparte Micro Zaal kon je die films bekijken en afdrukken. De kwaliteit van die afdrukken was al weer beter, met als gevolg leesbare kopieën. Maar wel op papier, met ieder vliegenpoepje en kreukeltje van de originele pagina weergegeven in genadeloos zwart/wit. Nadeel: sommige woorden vielen weg in een zwarte schaduwvlek. Er was wel een trucje voor, door nogmaals een afdruk te maken, met een lichtere instelling van de apparatuur, maar dat kostte weer extra tijd en extra geld (10 eurocent per afdruk, dus dat viel nog mee).

Kranten.kb.nl
Een verdere verbetering kwam, toen de KB besloot, om kranten te digitaliseren en aan te bieden op een website. Dat werd dus kranten.kb.nl, een site die inmiddels is opgegaan in een groter geheel onder de naam Delpher. Via dat kanaal kreeg ik nog meer informatie over de gebeurtenissen op 18 oktober 1914. Hier een aankondiging van de dag:


En een dag later stond er een verslag in de krant over de demonstratie. Dat ziet er zo uit:


Delpher.nl
Zoals gezegd, de website kranten.kb.nl is opgegaan in het grotere verband Delpher.nl. Op die site zijn de kranten van de KB terug te vinden, maar ook boeken en tijdschriften van andere instellingen. Het lijkt er een beetje op, dat de servercapaciteit van Delpher.nl wat te klein is om alle bezoekers ten dienste te staan. Soms duurt het erg lang voordat een zoekresultaat op het scherm komt. Op andere momenten krijg je geen hits op een zoekvraag (terwijl je vroeger wel een hele reeks hits kreeg). Laten we hopen dat ditr kinderziekten zijn en dat de capaciteit wordt vergroot.

04 januari 2014

Jippie, we gaan op vakantie!

Dat roepen we tegenwoordig, en daarna is het hollen naar het reisbureau om stapels folders te halen over gebieden die warm, ver weg en/of goedkoop zijn. All inclusive hier, stedentrips daar, of een avontuurlijk verblijf in de ongerepte natuur, of een luxe cruise.



Dit jaar ga ik wat meer aandacht besteden aan de situatie 100 jaar geleden, bijvoorbeeld om wat meer te vertellen over de Eerste Wereldoorlog, bronnenonderzoek en aanverwante zaken. Maar voordat het ernst wordt, eerst even aandacht voor de vakantie.
Hoe ging dat in 1914? Gingen de mensen er weken tussenuit om de accu weer op te laden? Als ik zie hoe weinig vrije dagen de agenten bij de politie van Amsterdam opnamen, denk ik dat er van echte vakanties geen sprake was. In het archief van de Amsterdamse Politie vond ik een goedkeuring voor 3 vrije dagen die mijn grootvader in december 1914 wilde opnemen.



Nieuwsgierig geworden ben ik toen verder gaan grasduinen. En toen vond ik in het Jaarverslag 1914 van de Gemeente Amsterdam de volgende beschrijving:


Reken maar even mee, dat zijn dus werkdagen van meer dan 10 uur! Daar moesten we maar eens aan denken als we nu dagen of zelfs weken opnemen om op vakantie te gaan.

21 december 2013

Hoog bezoek in 1914

Van de week was ik aan het spitten in het Stadsarchief van Amsterdam, met als doel om meer te weten te komen over mijn opa. Hij was agent van politie van 1908 tot 1915. Mijn nieuwsgierigheid had als resultaat een rijtje van 20 archiefstukken. Die werden neergezet in een eigen archiefkar, van drie verdiepingen. Kortom, ik was weer even zoet. Dikke boeken, sommige losbladig, andere ingebonden, zodat ik moest wisselen tussen een leeskussen en de gladde tafel. En tijdens het bladeren komen allerlei leuke bijvangsten naar voren. Bijvoorbeeld een dagorder van de Amsterdamse Politie voor het bezoek van Hunne Koninklijke Hoogheden, de Koning en Koningin van Denemarken. Nergens staat, om welke koning het precies gaat, maar dat is begrijpelijk. Als we het nu hebben over de Belgische koning, dan wordt er ook meestal niet bijgezet dat het om koning Filip gaat. Dat wordt gezien als 'general knowledge'.


Even speuren dan maar via Wikipedia, en het blijkt te gaan om koning Christiaan X en koningin Alexandrine, dochter van groothertog Frederik Frans III van Mecklenburg-Schwerin, en dus een nicht van prins Hendrik der Nederlanden. Prins Hendrik en koningin Wilhelmina vormden in 1914 de ontvangende partij van het staatsbezoek.


De Hoofdcommissaris laat weten wat zijn manschappen allemaal dienen te doen tijdens het bezoek. Het hoge gezelschap komt aan op het Centraal Station en zal van daar per koets aan het Paleis op de Dam rijden. Aan weerszijden van het Damrak zal dan een erewacht van de politie staan opgesteld. In de kranten uit die tijd staat het hele programma vermeld, inclusief alle tijden. Dat zou tegenwoordig niet meer gebeuren, maar het gaat hier om de tijd voor de Grote Oorlog (wat later de Eerste Wereldoorlog zou gaan heten).


In de schouwburg werden enkele tableaux vivants getoond, die aangaven dat de banden tussen Nederland en Denemarken ver teruggaan. Ons land was bijvoorbeeld een van de geprefereerde handelspartners in de Oostzee. Door diverse verdragen hoefden Nederlandse schippers minder tol te betalen als zij de Sont passeerden. (En daar komen we meteen weer uit bij een van mijn favorieten onderwerpen, de Sont Tolregisters. Archiefonderzoek kan soms heel leuk zijn). De Zweedse koning had echter andere plannen, hij wilde de Oostzee annexeren en het water als een Zweedse binnenzee bestempelen. Een oorlog was weer een feit en het is aan admiraal Michiel de Ruyter te danken dat Denemarken in dit conflict als winnaar naar voren kwam. Lees hier hoe dat in zijn werk ging.

Even een plaatje van de slag in Sont, uitgevochten in 1658 en bedoeld om de Nederlandse handelsbelangen in de Sont veilig te stellen. Het schilderij hangt in het Nederlands Scheepvaartmuseum.


Maar terug naar 100 jaar geleden, toen er een rijtoer werd gemaakt door Amsterdam. In drie kwartier kregen de buitenlandse gasten een mooi beeld van de hoofdstad. De route zag er als volgt uit:


En als je dat intekent op een kaart uit die tijd (ik gebruik hier een plattegrond uit 1912) dan ziet de route er als volgt uit:



16 november 2013

Briljant plan voor monnikenwerk


Monnikenwerk, het slaafs overschrijven van een boek, werd overbodig toen de boekdrukkunst werd uitgevonden. Dat leidde tot werken zoals "Die hystorie vanden grooten Coninck Alexander", waarvan hierboven een fragment dat is gehaald van de website van de Koninklijke Bibliotheek.

Tegenwoordig is monnikenwerk een ander woord voor een klus waar je heel veel energie in moet stoppen. Het resultaat van zo'n klus kan heel aangenaam zijn, zoals blijkt uit een plan dat is opgesteld door Arie M. Butterman. Arie heeft zich voorgenomen om het doopboek van 's Gravendeel - dat niet meer bestaat - te reconstrueren aan de hand van secundaire bronnen. Niet alle registers van voor 1811 hebben de tand des tijds weten te weerstaan. Ze zijn bijvoorbeeld verloren gegaan door brand, overstroming of een bombardement.
's-Gravendeel ligt vlakbij Dordrecht, zoals te zien is op het kaartfragment hier onder. Ik vond deze kaart in de atlas van Fredrik V, die wordt bewaard bij de koninklijke bibliotheek in Kopenhagen. De atlas is online te zien.


De doopregisters van 's-Gravendeel zijn er niet meer, wat overigens ook geldt voor andere registers uit de tijd voor de Burgerlijke Stand. Sinds kort is het mogelijk om het Repertorium DTB van het Centraal Bureau voor Genealogie online te raadplegen. Daarin is te zien welke boeken er nog zijn en waar ze bewaard worden.

Hoe het in zijn werk gaat
Terug naar 's-Gravendeel en het idee van Arie Butterman. Zijn redenatie luidt als volgt: als mensen gaan trouwen na 1811, dan moeten ze een uittreksel uit het doopboek inleveren. Al die uittreksels zijn bewaard gebleven in de collecties HuwelijksBijlagen (HB) van de archieven. Tegenwoordig zijn die collecties ook online te bekijken via de https://familysearch.org/search/collection/list#page=1&countryId=1927059. Als een groepje mensen bereid is om die verzameling HB's door te spitten en alle dopen van 's-Gravendeel te noteren, dan kan een deel van het doopboek worden gereconstrueerd.

Volgens Butterman moet op deze manier zo'n 70 procent van het doopboek terug te halen zijn. Het lukt alleen niet bij mensen die vroeg zijn overleden of die nooit getrouwd zijn. Een briljant plan, dus. Wie er meer over wil weten kan de handleiding bekijken op de site van Piet Molema, die me op het spoor zette van dit reconstructieplan.

Hartelijk dank, Piet.